Belangenbehartiging Europese Cultuurvogel

Welkom op de website van B.E.C.

De vereniging die opkomt voor het belang van de Europese Cultuurvogel en het kweken ervan.

Wilt u hier ook deel van uitmaken? Meld u dan nu aan als lid.

Inloggen kweker

Kweekverslag

Terug naar overzicht
    

DE  EUROPESE  HOP  (Upupa epops) - een kweekverslag       door Maurice Janssen

 

Jarenlang hield ik tropische zaadeters, Europese cultuurvogels en daarna grote parkieten. Toen, in augustus 2007, kon ik een onverwant koppel Europese hoppen kopen, samen met een koppel grote gele kwikstaarten, een grote karekiet en een koppel boomklevers. Allemaal kweek 2007.

Ze werden tijdelijk in mijn oude volière gehuisvest van circa 8 x 3 x 2,5 m. (hoogte). Maar de volière was verouderd en ik had last van ongedierte, met name van muizen en ratten. Dus besloot ik om een nieuwe volière te bouwen, graag vrij van ongedierte! Ik begon daarmee in de zomer van 2007 en begin februari 2008 was ik hiermee klaar. De vogels verhuisden naar hun nieuw verblijf van ca. 13 x 5 x 3,5 m. (hoogte).

De volière had ik gemaakt van een groen geplastificeerd ijzeren raamwerk, voorzien van een nylon net met mazen van 1.4 x 1.4 cm. Aan deze buitenvolière was een overdekt gedeelte gemaakt van 2.5 x 2.5 m. In dit gedeelte voerde ik. In de vlucht had ik op twee verschillende plaatsen een groot parkietenblok opgehangen van 25 x 25 x 45 cm. met een opening van 65 mm. 

Begin maart begon de man te baltsen. Zijn roep klonk als hoe-hoe-hoep en hij begon achter de pop te jagen (dit gaat toch nog vrij rustig in vergelijking met het gedrag van veel andere vogelsoorten).

Op 21 maart zag ik dat  ze aan het paren waren en de man begon de pop te voeren. Op 27 maart legde zij het eerste ei – in totaal werden het er zes - en hierna kwam ze niet meer van het nest. Het nest stelde weinig voor; het was niet meer dan een laagje door mij aangebracht zand met turf. De pop broedde alleen en werd al die tijd netjes door de man gevoerd.

Op 14 april bleken er, na nestcontrole, al vijf jonge hoppen in het nest te liggen. Eén ei bleek onbevrucht te zijn. Mijn vogels kregen altijd al onbeperkt meelwormen te eten en iedere dag daarnaast diepvries pinky’s en buffalo’s. Verder: insectenpaté en vruchtenpaté van Avian Orlux,  lijsterkorrel en Nutribird.

De hoppen aten bij mij bijna alleen maar meelwormen en soms een enkele pinky. De jonge hoppen hebben geen extra witte meelwormen gekregen omdat ze eerder uit het ei kwamen dan verwacht. Maar ze groeiden goed, dus was dit een les voor de volgende keer. 

Een hop drinkt niet en moet al het vocht uit de gevangen insecten halen. Dus is het zaak ervoor te zorgen dat de insecten voldoende vocht bevatten. Dit los ik op door de meelwormen groente te geven, zoals wortelen, broccoli, kool en dergelijke .Verder zet ik mijn wormen op een laagje van circa 1 cm.  kuikenkorrel (één deel) en meelwormenvoer van Avian (eveneens één deel). In het broedseizoen bestrooi ik de insecten met Nutriboost, eveneens van Avian . 

Op 15 april heb ik de eerste drie jongen geringd met NL-ringen van 4,5 mm.; dat bleek voor het grootste jong nog maar net op tijd. Nu ring ik de jonge hoppen op de vierde of vijfde dag. De ouders maken geen probleem van het ringen noch van controle. De pop gaat rustig in een hoekje zitten en laat alles gelaten toe totdat de deksel weer op het blok gaat.

De jongen groeiden goed en op 7 mei vloog het eerste jong uit. Het zat meteen volledig en strak in de veren en het vloog meteen vrij goed. De dagen daarop volgden de andere jongen, soms alleen soms met zijn tweeën tegelijk. Hebben ze eenmaal het nest verlaten dan komen ze er niet meer terug.

Na ongeveer drie weken waren de jongen geheel zelfstandig, maar ik kon ze gerust bij de ouders laten; dit was voor de man geen probleem. Hij was toen alweer voor de volgende ronde in touw, want de pop was in het andere blok weer aan het leggen voordat het laatste jong uitgevlogen was. De man voerde echter net zo lang totdat ook dit jong was uitgevlogen. 

Het probleem kwam bij mij ongeveer een week na het uitvliegen. Ik vond toen enkele dagen achter elkaar een dood jong in de volière liggen terwijl een ander jong een abces boven het oog kreeg. Ik heb toen de dierenarts geraadpleegd; hij heeft sectie verricht en zag dat de darmen helemaal onder het pus zaten. Hij adviseerde een antibioticakuur via het drinkwater, maar omdat een hop niet drinkt moest dit oraal gedaan worden en dat levert voor een hop behoorlijk wat stress op, met als gevolg één dood jong.  

Bij de tweede broedronde deed zich weer hetzelfde probleem voor. Nu een afspraak gemaakt met Hedwig v.d. Horst, dierenarts. Diagnose: salmonellabacterie of atoxoplasmose (wat ook in de natuur veel slachtoffers kan maken). Uiteindelijk kreeg ik drie jonge hoppen op stok; de andere zeven waren gesneuveld.

Ik denk dat de oorzaak te zoeken is in de plantenkwekerij die grenst aan mijn volière. De planten daar krijgen grondwater, afkomstig uit een bassin waarin dit jaar vele dode kikkers en visjes lagen. Op deze kadavers (eiwitten) kunnen zich bacteriën voortplanten en zich ook handhaven. De jonge hoppen zaten vanaf de eerste dag al in de grond te pikken (natuurlijk gedrag) en zo liepen ze infecties op. Dit jaar heb ik ervoor gezorgd dat dit niet meer kon gebeuren en ik heb ook geen jonge, net uitgevlogen, vogels meer dood aangetroffen.

In mijn volière heb ik een vijver waarin een molensteen ligt. Ik heb een UV-lamp tussen de pomp en de molensteen geplaatst. Waarom? De UV-lamp doodt namelijk niet alleen algen maar ook bacteriën, zodat mogelijke ziektes niet via het drink- en badwater verspreid worden. 

Ik hoop dat deze informatie voor u van nut kan zijn!

Ik beleef in ieder geval veel plezier aan mijn hoppen, zeker als ik ze als “dartele vlinders” door mijn volière zie vliegen.